UV-00130 D
Marktdag met de groep: voorbereiding in een halve dag
Zo bereid je een marktdag met bewoners voor: tijdstip, vervoer, rolstoelen, begeleiding per deelnemer en een vaste rustplek onderweg.
Fiche nagekeken op 1130 woorden2 bronnen
- Waar de fiche ligt
- Uitstapjes en vakanties · Ref. UV-001
- Wat de fiche aanhaalt
- mainefarmersmarkets.org, realmaine.com
- Inkeping van de lade
- Minder dan 30 dagen · Fiche nagekeken op · Terug naar de lade

Een marktdag met bewoners bereid je voor in een halve dag, door eerst het tijdstip en de vervoersvorm vast te leggen, daarna het aantal begeleiders per rolstoel te tellen en tot slot één rustplek met sanitair en schaduw te kiezen. Wie die drie punten op papier heeft, kan de rest van de week laten lopen. De markt zelf is dan geen verrassing meer, maar een uitje met een begin, een midden en een einde.
Hoe bereid je een marktdag met bewoners voor?
Begin bij de markt, niet bij de bus. Zoek uit wanneer de markt open is, waar de kramen staan en of er vaste voorzieningen zijn zoals toiletten, bankjes en een overdekte plek. Een markt die op zondagochtend draait, vraagt een ander vertrek uur dan een markt op donderdagmiddag. Noteer de openingstijd en reken terug: reistijd, tijd om uit te stappen, tijd voor de groep om op gang te komen.
Kijk daarna naar de groep, niet naar het ideaal. Hoeveel deelnemers gaan mee, wie loopt zelfstandig, wie gebruikt een rollator, wie zit in een rolstoel, wie raakt snel overprikkeld. Maak een lijst met namen en zet achter elke naam één regel: vervoer, begeleiding, rustmoment. Die lijst is je draaiboek.
Een markt is een publieke plek met geluid, geuren en beweging. Voor sommige bewoners is dat precies de aantrekkingskracht. Voor anderen is het te veel. Kies daarom een moment waarop het rustig is: vroeg in de ochtend, direct na opening, of juist in het laatste uur. Vraag bij de marktorganisatie of er een rustiger hoek is, bijvoorbeeld bij de koffiekraam of bij de ingang.
Wat je meeneemt, past in één tas: water, een deken, zonnebrand, een rol met papieren handdoekjes, een telefoon met de nummers van de chauffeur en de contactpersoon van de locatie. Geen extra's. Hoe lichter de tas, hoe makkelijker je beweegt tussen de kramen.
Een markt als de markt in Belgrade Lakes, met kramen van boerderijen en ambachtslieden uit de streek, laat zien hoe zo'n ochtend is opgebouwd: vaste standplaatsen, vaste tijden, muziek op sommige weken. Wie de opzet van zo'n markt kent, kan de eigen groep er beter op instellen. Een blik op de opbouw van een marktdag helpt om te bepalen hoeveel tijd je per kraam nodig hebt en waar de groep kan staan zonder anderen te blokkeren.
Hoeveel begeleiders heb je per rolstoel nodig?
Reken op één begeleider per rolstoel als de route vlak is, de afstanden kort zijn en de rolstoelgebruiker zelf kan aangeven waar hij of zij wil stoppen. Reken op twee begeleiders per rolstoel zodra er een helling, een drempel, een smalle doorgang of een lange wachttijd in het spel is. Bij een groep met drie rolstoelen betekent dat dus drie tot zes begeleiders, afhankelijk van het terrein.
Die rekensom is geen formaliteit. Een rolstoel duwen over klinkers vraagt meer kracht dan over een betonpad. Een rolstoel de bus in krijgen vraagt één persoon aan de voorkant en één aan de achterkant, of een chauffeur die de klep bedient. Vraag bij het vervoersbedrijf hoeveel rolstoelplaatsen er zijn en of er een vastzetsysteem is. Vraag ook of de chauffeur mag helpen bij het in- en uitstappen, want dat scheelt handen.
Verdeel de rollen vooraf. Eén begeleider loopt voorop en houdt het tempo, één loopt achteraan en let op afvallers, één is vrij en kan inspringen. Wissel niet halverwege van rol, tenzij het echt nodig is. Bewoners merken dat.
Tel ook de deelnemers die zelf lopen maar begeleiding nodig hebben. Iemand met een rollator heeft geen eigen begeleider nodig, maar wel iemand in de buurt. Zet die persoon naast een begeleider die toch al meeloopt.
Waar rust je met de groep tijdens een uitje?
Kies de rustplek voordat je vertrekt, niet ter plekke. Zoek een plek met vier kenmerken: schaduw, zitgelegenheid, sanitair in de buurt en ruimte voor een rolstoel naast een bankje. Een terras bij de markt voldoet vaak, een parkeerplaats niet.
Spreek een vast tijdstip af voor de rust. Bijvoorbeeld: na drie kwartier markt gaan we zitten. Zo weet iedereen waar hij aan toe is, ook de bewoner die het overzicht kwijtraakt in de drukte. Zet de rustplek op de kaart of in de telefoon, zodat een late begeleider de groep kan vinden.
Neem de rust serieus. Een half uur zitten met drinken en iets kleins te eten is geen verloren tijd, het is de reden waarom de tweede helft van de markt lukt. Wie de rust overslaat, krijgt aan het einde van de ochtend een groep die op is.
Tijdstip en vervoer: eerst de terugreis
Plan de terugreis voordat je de heenreis plant. Hoe laat moet de groep terug zijn voor de warme maaltijd, voor de medicatieronde, voor de verschoning. Reken van daaruit terug: vertrek bij de markt, instaptijd, reistijd. Wat overblijft is de tijd op de markt zelf.
Voor vervoer zijn er drie vormen: de eigen bus van de locatie, een taxibus met rolstoelplaatsen, of openbaar vervoer als dat rolstoeltoegankelijk is. Elke vorm heeft een eigen voorbereiding. Bij de eigen bus regel je een chauffeur die bekend is met rolstoelen. Bij een taxibus vraag je om een vaste prijs en om bevestiging van het aantal rolstoelplaatsen. Bij openbaar vervoer check je de haltes en de ruimte in het voertuig.
Leg het vertrekuur een dag van tevoren vast en herhaal het bij het ontbijt. Onzekerheid over het vertrek kost meer energie dan de markt zelf.
De rolstoel als vast punt in de drukte
Op een markt is een rolstoel geen obstakel maar een anker. Zet de rolstoel op een plek waar de groep langskomt, bijvoorbeeld bij de ingang of bij een kraam met zitgelegenheid. Zo heeft de groep een herkenningspunt en kan een bewoner die even wil zitten terugvinden waar de anderen zijn.
Let op de ondergrond. Klinkers, grind en graspaden zijn zwaar voor een rolstoel en voor de begeleider. Een markt met een verharde hoofdroute is eenvoudiger dan een markt op een veld. Vraag dat na bij de organisatie of kijk vooraf op een plattegrond.
Houd de groep bij elkaar met een vast ritme: samen naar een kraam, samen verder. Niet iedereen hoeft bij elke kraam te staan. Wie wil kijken, kijkt. Wie wil wachten, wacht op de afgesproken plek.
Een halve dag is genoeg
Een marktbezoek van twee tot drie uur is voor de meeste groepen de bovengrens, inclusief reistijd. Langer wordt het te veel: te veel indrukken, te veel staan, te veel wachten. Een halve dag markt, goed voorbereid, levert meer op dan een hele dag die halverwege afgebroken moet worden.
Sluit af met een vast moment. Een kop koffie bij de rustplek, een praatje over wat iemand heeft gekocht, een foto bij de ingang. Daarna terug. Zo eindigt de marktdag niet in haast, maar op een punt dat de groep zelf kan overzien.
Inhoud van de fiche
Notities bij de opname


